Box 3 en werkelijk rendement: wanneer loont tegenbewijs?
Sinds de uitspraken van de Hoge Raad mag je in Box 3 laten zien dat je werkelijk minder hebt verdiend dan de Belastingdienst aanneemt. Dat heet tegenbewijs. Het klinkt eenvoudig, maar de vergelijking werkt anders dan veel mensen denken. Hier lees je hoe het zit voor 2025 en 2026, en wanneer het voor jou iets kan opleveren.
Laatst bijgewerkt: 3 november 2026
Twee manieren om je Box 3-inkomen te berekenen
De gewone manier is de forfaitaire methode. De Belastingdienst kijkt naar wat je op 1 januari had aan spaargeld, beleggingen en schulden. Over elk soort bezit rekent hij met een vast percentage rendement, of je dat nu echt hebt behaald of niet. Over dat veronderstelde rendement betaal je 36% belasting.
De tweede manier is je werkelijke rendement. Dat is wat je in het jaar echt hebt verdiend: ontvangen rente, dividend en de waardeverandering van je beleggingen. Vanaf belastingjaar 2025 kun je dat in je aangifte inkomstenbelasting opgeven. Doe je dat volledig, dan gebruikt de Belastingdienst de methode die voor jou het voordeligst is.
De cijfers voor 2025 en 2026
Voor 2025 zijn alle percentages definitief: 1,37% voor banktegoeden, 5,88% voor beleggingen en overige bezittingen en 2,70% voor schulden. Het heffingsvrij vermogen is €57.684 per persoon. De schuldendrempel is €3.800 per persoon.
Voor 2026 is het heffingsvrij vermogen €59.357 per persoon. Het percentage van 6,00% voor beleggingen staat vast. De percentages voor spaargeld (1,28%) en schulden (2,70%) zijn nog voorlopig en worden begin 2027 definitief. Een berekening voor 2026 is dus altijd een tussenstand. Je weet bovendien pas na 31 december wat je beleggingen dat jaar echt hebben gedaan.
De valkuil: het heffingsvrij vermogen
Veel mensen vergelijken alleen percentages. Ze zien dat hun spaarrekening 1% opleverde terwijl de Belastingdienst met meer rekent, en denken dat tegenbewijs dan loont. Zo werkt het niet. Bij de forfaitaire methode haal je eerst het heffingsvrij vermogen van je bezit af. Bij werkelijk rendement krijg je die vrijstelling niet.
Je moet dus twee eurobedragen vergelijken: het forfaitaire inkomen ná vrijstelling en je volledige werkelijke rendement zonder vrijstelling. Een voorbeeld voor 2025: iemand zonder partner heeft €50.000 spaargeld en €100.000 beleggingen. Forfaitair is het rendement €6.565. Na de vrijstelling blijft daarvan €4.040 belastbaar, goed voor ongeveer €1.455 belasting. Het werkelijke rendement was €1.000 rente plus €1.500 dividend min €1.000 koersverlies, dus €1.500. Daarover is de belasting €540. Tegenbewijs scheelt hier ongeveer €915.
Wat telt mee als werkelijk rendement?
Alles telt mee, ook wat je niet hebt verkocht. Stijgt een aandeel in waarde en houd je het vast, dan is die stijging toch rendement. Daalt het, dan is dat verlies. Je rekent per belegging: eindwaarde min beginwaarde, gecorrigeerd voor wat je hebt bijgekocht of verkocht. Een storting op je beleggingsrekening is geen winst, een opname geen verlies.
Kosten voor beheer of transacties mag je niet aftrekken. Betaalde rente op Box 3-schulden wel, en daarbij geldt geen drempel. Is je totale rendement negatief, dan wordt het voor de belasting nul. Een verlies kun je niet doorschuiven naar een ander jaar. Je kunt ook niet per bezitting de gunstigste methode kiezen: het gaat om je hele Box 3-vermogen.
Voor wie is het interessant?
Tegenbewijs loont vooral in jaren met lage of negatieve beursresultaten, of als je veel spaargeld hebt tegen een lage rente en weinig boven de vrijstelling uitkomt. In een goed beursjaar is je werkelijke rendement vaak hoger dan het forfait, en dan blijft de gewone methode gunstiger.
Heb je een tweede woning of ander vastgoed, dan wordt het ingewikkelder. Vanaf 2026 telt bij eigen gebruik van zo'n woning ook een bijtelling mee. Dat valt buiten een eenvoudige berekening. Ook bij een fiscale partner, emigratie of buitenlandse bezittingen is het verstandig de officiële uitleg te lezen of een adviseur te vragen.
Zelf uitrekenen
Vergelijk forfait en werkelijk rendement met je eigen bedragen.
Box 3 tegenbewijs berekenen →Veelgestelde vragen
Moet ik zelf tegenbewijs aanvragen?
Vanaf belastingjaar 2025 geef je je werkelijke rendement op in de aangifte inkomstenbelasting. De Belastingdienst kiest dan de voordeligste methode. Voor oudere jaren gelden aparte procedures.
Krijg ik bij werkelijk rendement ook heffingsvrij vermogen?
Nee. De vrijstelling van €57.684 (2025) of €59.357 (2026) per persoon geldt alleen bij de forfaitaire methode.
Telt koerswinst mee als ik niets verkoop?
Ja. Ook ongerealiseerde waardestijgingen en -dalingen tellen mee in het werkelijke rendement.
Zijn de percentages voor 2026 al definitief?
Alleen 6,00% voor beleggingen. De percentages voor spaargeld en schulden worden begin 2027 definitief vastgesteld.
Wat als mijn rendement negatief is?
Dan wordt het voor de belasting nul. Je kunt het verlies niet verrekenen met andere jaren.
Handige calculators
Bronnen
- Belastingdienst – berekening Box 3-inkomen 2025
- Belastingdienst – berekening Box 3-inkomen 2026
- Belastingdienst – wat is mijn werkelijk rendement?
Laatst bijgewerkt: 3 november 2026. Deze uitleg is algemeen en geen persoonlijk financieel advies.