Box 3 tegenbewijs berekenen 2025 & 2026
Is je werkelijke rendement lager dan het forfaitaire Box 3-inkomen? Vergelijk beide berekeningen voor spaargeld, beleggingen en schulden. Voor 2026 zijn de spaar- en schuldpercentages nog voorlopig.
Uitkomst
- Mogelijk voordeel tegenbewijs
- € 914,53
- Box 3-belasting · voordeligste methode
- € 540,00
- Belasting volgens forfait
- € 1.454,53
- Belasting bij werkelijk rendement · vóór vergelijking
- € 540,00
- Forfaitair inkomen na vrijstelling
- € 4.040,36
- Werkelijk rendement · vóór nulgrens
- € 1.500,00
- Werkelijk rendement · belastbare vergelijking
- € 1.500,00
- Heffingsvrij vermogen · alleen forfait
- € 57.684,00
- Aftrekbare schuld · na drempel
- € 0,00
Mogelijk voordeel tegenbewijs
€ 914,53
Zet deze rekenhulp op je eigen website
Gratis te gebruiken, zolang de link naar Berekenmeister blijft staan.
Forfaitair rendement en werkelijk rendement eerlijk vergelijken
De forfaitaire methode gebruikt je bezittingen en schulden op 1 januari. Over spaargeld en beleggingen gelden verschillende percentages. Schulden verminderen het berekende rendement alleen voor zover ze boven de schuldendrempel liggen. De vrijstelling wordt evenredig via de rendementsgrondslag toegepast, niet eerst volledig van je spaargeld afgehaald.
Bij werkelijk rendement geldt géén heffingsvrij vermogen. Daarom is een lager rendementpercentage op zichzelf onvoldoende: vergelijk het volledige werkelijke eurobedrag met het forfaitaire inkomen ná vrijstelling. Ontvangen rente, dividend, waardestijgingen én waardedalingen horen erbij, ook als je niets verkoopt. Bereken een rentebedrag met spaarrente berekenen, maar gebruik voor deze vergelijking je werkelijke jaargegevens.
Voor 2025 zijn de percentages 1,37% voor banktegoeden, 5,88% voor overige bezittingen en 2,70% voor aftrekbare schulden definitief. De vrijstelling is €57.684 per persoon. Voor 2026 is dat €59.357 en staat 6,00% voor overige bezittingen vast; 1,28% voor banktegoeden en 2,70% voor schulden zijn voorlopig. De schuldendrempel is in beide jaren €3.800 per persoon en het belastingtarief 36%.
Met fiscale partners voor het hele jaar verdubbelen vrijstelling en schuldendrempel. Deze rekenhulp vergelijkt de gezamenlijke Box 3-belasting vóór persoonlijke heffingskortingen en afronding. Het werkelijke rendement volgt dezelfde verdeling als de gezamenlijke grondslag sparen en beleggen; deze rekenhulp optimaliseert geen persoonlijke partnerverdeling.
Deze rekenhulp ondersteunt geen vastgoed. Vanaf 2026 hoort bij eigen gebruik van een tweede woning ook een bijtelling bij werkelijk rendement: economische huurwaarde óf 5,06% van de toepasselijke WOZ-waarde, naar de dagen beschikbaar voor eigen gebruik. Ook WOZ-waardeveranderingen en bijzondere investeringscorrecties vragen aparte berekeningen. Gebruik hiervoor de officiële uitleg hieronder, niet deze simpele beleggingsvelden.
Vanaf belastingjaar 2025 kun je het werkelijke rendement in de aangifte inkomstenbelasting opgeven. De Belastingdienst kiest de voordeligste methode. De voorlopige aanslag 2026 rekent nog forfaitair. Een vergelijking is geen bezwaar of aanvraag en belooft geen teruggaaf: die hangt ook af van je al opgelegde aanslag, volledige gegevens en persoonlijke situatie. Voor oudere belastingjaren en termijnen volg je de officiële procedure.
Je jaaroverzichten naast de aanslag leggen
Verzamel alle rente, dividend en waardeveranderingen vóór je het voordeel beoordeelt. Neem niet alleen verliesgevende beleggingen mee. De calculator toont wat een volledige opgave mogelijk oplevert ten opzichte van forfaitair rekenen, niet wat je gegarandeerd terugkrijgt. Vergelijk rente met spaarrente berekenen en een toekomstscenario met samengestelde interest berekenen; een toekomstscenario is geen bewijs van werkelijk rendement.
Hoe werkt box 3 tegenbewijs berekenen 2025 & 2026?
- Kies het belastingjaar. Gebruik bij fiscale partners voor het hele jaar alle gezamenlijke bedragen; ook als je pas een deel van het jaar partner was maar samen voor het hele jaar kiest.
- Neem spaargeld, beleggingen, crypto en kwalificerende Box 3-schulden op 1 januari. De eigen woning en hypotheek in Box 1 horen hier niet bij.
- Vul ontvangen rente, bruto dividend en alle gerealiseerde én ongerealiseerde waardeveranderingen over het jaar in. Trek geen beheerkosten of transactiekosten af.
- Voor beleggingen: eindwaarde − beginwaarde − aankopen + verkoopopbrengsten, zonder transactiekosten. Voorkom dubbel tellen van herbelegd dividend. Een storting is geen winst; een opname is geen verlies.
- Betaalde rente op Box 3-schulden vermindert het werkelijke rendement zonder schuldendrempel. De hoofdsom aflossen is geen aftrekbare rente.
- Vergelijk het volledige werkelijke rendement met het forfaitaire inkomen na vrijstelling. Negatief werkelijk rendement wordt voor de belasting nul. Je kunt niet per bezitting de gunstigste methode kiezen.
Formule: aftrekbare schuld = max(0, schuld − drempel) · grondslag = bezittingen − aftrekbare schuld · forfaitair inkomen = max(0, forfaitair rendement × max(0, grondslag − vrijstelling) ÷ grondslag), of 0 bij grondslag ≤ 0 · werkelijk = max(0, rente + dividend + waardeverandering − schuldrente) · belasting = 36% × min(forfaitair inkomen, werkelijk)
Rekenvoorbeeld 2025: €150.000 vermogen, laag beleggingsrendement
- Geen fiscale partner, €50.000 spaargeld, €100.000 beleggingen en geen schulden. Forfaitair rendement: €50.000 × 1,37% + €100.000 × 5,88% = €6.565.
- Na €57.684 vrijstelling blijft €92.316 belastbare grondslag. Forfaitair inkomen: €6.565 × €92.316 ÷ €150.000 = €4.040,36; belasting: ongeveer €1.454,53.
- Werkelijk: €1.000 spaarrente + €1.500 dividend − €1.000 waardeverlies = €1.500. De vrijstelling wordt hiervan niet nogmaals afgetrokken. Belasting: €540.
- Het mogelijke voordeel van tegenbewijs is ongeveer €914,53. Dit is een rekenvoorbeeld zonder tussentijdse afronding, geen voorspelde teruggaaf.
Officiële Box 3-bedragen en percentages
| Onderdeel | 2025 | 2026 |
|---|---|---|
| Heffingsvrij vermogen per persoon | €57.684 | €59.357 |
| Heffingsvrij vermogen met partner | €115.368 | €118.714 |
| Schuldendrempel per persoon | €3.800 | €3.800 |
| Banktegoeden | 1,37% · definitief | 1,28% · voorlopig |
| Beleggingen / overige bezittingen | 5,88% · definitief | 6,00% · vastgesteld |
| Aftrekbare schulden | 2,70% · definitief | 2,70% · voorlopig |
| Belastingtarief | 36% | 36% |
Veelgestelde vragen
Wanneer is tegenbewijs in Box 3 voordelig?
Als je volledige werkelijke rendement over het jaar lager is dan het forfaitaire inkomen na toepassing van heffingsvrij vermogen. De Belastingdienst gebruikt dan bij een volledige opgave de voordeligste methode. Een lagere rente dan het forfaitaire percentage betekent niet automatisch een voordeel.
Geldt de vrijstelling ook bij werkelijk rendement?
Nee. Bij werkelijk rendement bereken je het rendement over je hele relevante Box 3-vermogen. Alleen de forfaitaire methode gebruikt heffingsvrij vermogen: €57.684 per persoon in 2025 en €59.357 in 2026.
Tellen niet-verkochte beleggingen en crypto mee?
Ja. Zowel gerealiseerde als ongerealiseerde waardeveranderingen tellen mee. Corrigeer eindwaarde minus beginwaarde voor aankopen en verkopen, zonder kosten aftrekbaar te maken. Reken niet alleen met dividend of verkoopwinst.
Mag ik beleggingskosten of schuldrente aftrekken?
Beheer-, onderhouds- en transactiekosten zijn niet aftrekbaar van werkelijk rendement. Betaalde rente op kwalificerende Box 3-schulden wel; daarbij geldt niet de forfaitaire schuldendrempel. Aflossingen zijn geen rente.
Wat gebeurt er bij verlies?
Winsten en verliezen van verschillende bezittingen worden binnen hetzelfde jaar gesaldeerd. Is het totale werkelijke rendement negatief, dan wordt het voor de belasting op nul gezet. Je kunt het verlies niet met andere jaren verrekenen.
Zijn de uitkomsten voor 2026 definitief?
Nee. 6,00% voor overige bezittingen staat vast, maar de voorlopige 1,28% voor spaargeld en 2,70% voor schulden worden begin 2027 definitief vastgesteld. Vóór jaareinde zijn je jaarinkomsten en eindwaarden nog scenario's. De voorlopige aanslag 2026 gebruikt geen werkelijk rendement.
Hoe werkt de berekening met een fiscale partner?
Gebruik gezamenlijke bedragen bij partnerschap voor het hele jaar of een geldige keuze daarvoor. De vrijstelling en schuldendrempel verdubbelen. Het werkelijke rendement volgt dezelfde verdeling als de gezamenlijke grondslag. Deze rekenhulp toont het gezamenlijke bedrag vóór persoonlijke heffingskortingen en afronding.
Kan ik een tweede woning of ander vastgoed invullen?
Nee, deze calculator ondersteunt alleen gewone spaargelden, beleggingen, crypto en Box 3-schulden. Vastgoed vereist voorgeschreven waarderingen en vanaf 2026 een bijtelling voor beschikbaar eigen gebruik. Zie de officiële Belastingdienst-bron over werkelijk rendement.
Dien ik met deze calculator tegenbewijs of bezwaar in?
Nee. De calculator verstuurt niets naar de Belastingdienst. Vanaf belastingjaar 2025 geef je werkelijk rendement op in de aangifte inkomstenbelasting. Controleer voor eerdere jaren, aanslagen en termijnen de officiële procedure. De uitkomst is een indicatie, geen gegarandeerde teruggaaf.
Veelgemaakte rekenfouten
- Heffingsvrij vermogen ook van werkelijk rendement aftrekken. Die vrijstelling geldt uitsluitend bij forfaitair rekenen.
- Alleen verkochte beleggingen tellen. Ongerealiseerde waardeveranderingen horen ook bij werkelijk rendement.
- Stortingen als winst of opnames als verlies tellen; dit zijn kapitaalbewegingen.
- Beheerkosten of transactiekosten aftrekken, of een aflossing als schuldrente invullen.
- Voor 2026 voorlopige percentages of geschatte eindwaarden als een definitieve aanslag presenteren.
- Een tweede woning in de beleggingsvelden stoppen en de bijtelling voor eigen gebruik vergeten. Deze rekenhulp ondersteunt geen vastgoed.
Gerelateerde calculators
Bron & berekening
- Belastingdienst – berekening Box 3-inkomen 2025
- Belastingdienst – berekening Box 3-inkomen 2026 (voorlopige percentages)
- Belastingdienst – werkelijk rendement, kosten en eigen gebruik vastgoed
- Belastingdienst – rekenvoorbeelden werkelijk rendement
- Staatscourant 2026, 3708 – definitieve bank- en schuldpercentages 2025
Laatst bijgewerkt: 1 november 2026 (praktijkuitleg). Rekengegevens: 1 november 2026. Uitkomsten zijn indicatief.